Kraamzorg: recht op minimaal 24 uur, vaak 49 uur toegezegd, en je verzekeraar bemiddelt als het tekortschiet
In dit artikel:
Kraamzorg valt onder het basispakket. Vrouwen hebben volgens de regels recht op minimaal 24 en maximaal 80 uur, waarbij het Landelijk Indicatieprotocol Kraamzorg (LIP) bepaalt hoeveel hulp nodig is. Tijdens de zwangerschap wordt vaak een voorlopige indicatie van 49 uur gegeven; na de bevalling stellen de kraamverzorgende en verloskundige het definitieve aantal vast.
Uit een enquête van het Radar Panel onder kraamvrouwen blijkt dat 69 procent minder uren kreeg dan aanvankelijk was toegezegd. In sommige gevallen bleef zelfs minder dan het wettelijke minimum van 24 uur over. Personeelstekort wordt daarbij als reden genoemd. Radar bespreekt de resultaten in de uitzending van maandag 12 oktober met minister Sophie Hermans van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
De problemen passen in een bredere ontwikkeling. Volgens cijfers van het Zorginstituut daalde het gemiddelde aantal uren kraamzorg van 48,3 in 2017 naar 44,4 in 2023. In dat laatste jaar kreeg 5,9 procent van alle gezinnen minder dan 24 uur. Bij kwetsbare gezinnen was dat 21 procent, tegenover 8 procent bij andere gezinnen.
Wie te weinig uren krijgt, kan zowel de kraamzorgorganisatie als de zorgverzekeraar aanspreken. De verzekeraar heeft een zorgplicht en kan bemiddelen. Het is verstandig al tijdens de zwangerschap de indicatie schriftelijk op te vragen en na de bevalling het aantal geleverde uren met de nota te controleren. In 2026 bedraagt de wettelijke eigen bijdrage voor thuis geleverde kraamzorg €5,70 per uur. Kraamzorg valt niet onder het eigen risico; een aanvullende verzekering kan de eigen bijdrage vergoeden.
Vandaag Inside: Shelly Sterk verwacht moeilijkheden voor Max Verstappen in Singapore: ‘Hij heeft er meer last van’